• 11-03-2016
  • Seminar

Seminar 'Groen, groener, gras' was een geslaagde kennisdag

Het seminar van 3 maart over duurzaam grasbeheer was een geslaagde dag. De ruim 70 aanwezigen konden hun kennis en ervaringen op een ontspannen manier met elkaar delen. Hieronder een korte impressie van de lezingen en workshops.

Lezingen

Living Planet Report - Chris van Turnhout

Hoe staat onze natuur er in brede zin eigenlijk voor? In zijn lezing gaf Chris van Turnhout aan dat wanneer je naar het totaalbeeld kijkt, je zou kunnen zeggen dat alle soorten op alle plaatsen vooruitgaan. Maar achter het totaalbeeld gaan grote verschillen schuil. Er zijn soorten waar het goed mee gaat, soorten waar het slecht mee gaat en soorten die stabiel blijven; er zijn plaatsen waar de natuur zich wat herstelt, maar ook plaatsen waar de achteruitgang nog doorgaat.
Bekijk hier zijn presentatie.

Disturbance Theory - Henry Bechelet

Henry Bechelet legde in zijn lezing de werking van de Disturbance Theory uit. Door de groeiwijze van gras te kennen en de juiste omstandigheden voor die groei te weten, kan de hoofdgreenkeeper  invloed uitoefenen op de samenstelling van de grasbestanden en op de (speel)kwaliteit van de greens. Bechelet belichtte de bronnen die verstorend zijn (disturbance) of die stress opleveren in de groei. Als beheerder moet je in staat zijn de juiste maatregelen te nemen om verstoring en stress te reduceren. Alles begint overigens met een goede basis en Bechelet lichtte dit toe aan de hand van een 4-fasenplan. Om tot een goed resultaat te komen en de omgeving zo aan te passen dat de omstandigheden ideaal zijn, is het belangrijk goed te monitoren en je beheermaatregelen gaandeweg aan te passen als dat nodig is. 
Bekijk hier zijn presentatie.

Managing species change - Conor Nolan

In zijn lezing ‘Managing species change’ ging Conor Nolan in op de voordelen van een goede samenstelling van verschillende grassoorten op de baan. Door het introduceren van zogenaamde 'fine grasses', vergroot je de kwaliteit van het gras en verminder je het gebruik van pesticiden. In zijn lezing legde hij uit hoe je meerdere grassoorten op de golfbaan kun implementeren. Hoe pak je het aan en waar let je op? In dit proces komen ook elementen uit de Disturbance Theory aan bod.
Bekijk hier zijn presentatie.

Lezingen

De uitdagingen van nu en de toekomst - Paul Struik

In zijn lezing ‘De uitdagingen van nu en de toekomst’ legde Paul Struik de functie en definitie van graskunde uit. Hij betoogt dat zijn benadering niet wetenschap nastreeft, maar nadrukkelijk is gericht op de praktijk.  Het gaat op een toegepaste wetenschap die zichzelf een groot aantal ambities heeft gesteld. Een van die ambities is om m.b.v. onderzoek te komen tot chemievrij beheer. Door het benutten van de analyses van maaisels wil hij komen tot een voorspelling omtrent optimale bemesting. De uitdaging  waarvoor we gesteld worden is hoe we de wetenschap en de praktijk op een goede manier met elkaar gaan verbinden. 
Bekijk hier zijn presentatie.

Graskwaliteit waarborgen - Gerard van 't Klooster

In zijn lezing legde Gerard van 't Klooster uit wat het grote belang is van licht om de kwaliteit van het gras te kunnen waarborgen. Om het geheel van beheermaatregelen goed te kunnen controleren is het meten van verschillende elementen van groot belang.
Bekijk hier zijn presentatie.

Workshop

Biodiversiteit op de golfbaan

NLadviseurs organiseerde een workshop over het belang van biodiversiteit. Het belang voor de natuur, maar ook het belang voor golfbanen.
Zo heeft een golfbaan met veel diversiteit in planten en diersoorten een hoge belevingswaarde voor spelers en biedt het leefruimte voor kritische en beschermde soorten. Daarnaast kunnen bepaalde soorten ook een handje helpen in het golfbaanbeheer. Denk aan spreeuwen en vleermuizen die emelten en engerlingen eten waardoor minder bestrijdingsmiddelen nodig zijn.
Deelnemers aan de workshop deelden hun ervaringen in het verbeteren van de verschillende biotopen. En met een mooi resultaat! Zo komt er op een golfbaan in Noord-Limburg een grote populatie van een beschermde keversoort voor die vrijwel nergens anders meer in Nederland voorkomt.
De deelnemers kregen een ‘biodiversiteit-snelkeuzemenu’ mee waarmee zij op eenvoudige wijze het beheer van natuurlijke elementen kunnen aanpassen en hiermee de biodiversiteit op de golfbaan een handje kunnen helpen.
Handout workshop biodiversiteit
Biodiversiteit-snelkeuzemenu

Workshop

Disturbance theory and practice

In deze workshop gingen Conor Nolan en Henry Bechelet verder in op de toepassing van de disturbance theory. Belang bij het juist toepassen van deze theorie is het doorlopen van de verschillende fases in de goede volgorde. Al werken aan maatregelen in categorie 4 is nauwelijks zinvol als de basis niet goed op orde is. De theorie van disturbance begrijpen, houdt in dat je grip kunt krijgen op de groeiomstandigheden. Daarbij geldt ook: timing is everything. ‘Wanneer moet ik iets doen en in welke mate?’ zijn daarbij de hamvragen.
Leidraad in deze workshop is: hoe behoud en optimaliseer je de kwaliteit van het gras? Daarvoor hadden Bechelet en Nolan een aantal tips:
·      Om stress bij het gras te verminderen, wordt rollen veel genoemd in plaats van maaien, maar omdat door rollen gras wel wordt beschadigd, blijft het opletten. Sommige soorten zijn kwetsbaarder voor beschadiging door rollen dan andere.
·      Dressen is het keyword en de basisvoorwaarde voor hoogwaardige greens.  Men moet een jaarlijks gemiddelde aanhouden van 150 ton zand/hectare. Als men met het proces begint, moet er eerst een soort inhaalslag worden gemaakt: de dubbele hoeveelheid gedurende het eerste jaar (soms ook nog een tweede jaar als er te weinig effect is).
·      Straatgras op de greens komt vooral van de fairways. Zorg dus dat het straatgras zich niet kan vestigen op de greens door het juist beheersen van de stress en disturbance factoren. Zorgen voor een betere grassamenstelling in de fairways is natuurlijk altijd goed, maar komt niet als eerste.
·      Spreid slijtage op de greens. In een van de artikelen over de disturbance theory wordt een heel pakket maatregelen genoemd die de greenkeeper succesvol kan treffen. Ongetwijfeld zullen er leden zijn die zich er niet aan houden, maar als 80% zich er wel aan houdt heeft het wel het beoogde effect.
·      Bij veel stikstof, vocht en ontbreken van competitieve gras (kale plekken) zal mos zich vestigen. Als het er eenmaal zit, is het lastig weg te krijgen.  Er zijn maatregelen waardoor het mos zich ongemakkelijk zal gaan voelen.

Workshop

Licht en lucht

Gerard van ’t Klooster en Koert Donkers belichtten in hun workshop de voordelen van het gebruik van een eigen weerstation ten opzichte van het binnenhalen van meteodata.
Wanneer je zelf een meetstation neerzet, kun je veel nauwkeuriger en heel lokaal meten. Door het berekenen van de ET waarde kunnen middelen effectiever ingezet worden; de momenten waarop de beregening draait efficiënter worden benut. Dit kan geldbesparing opleveren. Vervolgens is het nuttig deze data goed vast te leggen om tot een juiste analyse te komen voor beheer op termijn.  Zo hebt u inzicht in de actuele situatie en zicht op de lange termijn ontwikkeling.
Hoe plaats je je eigen meetapparatuur?
·      Plaats je meetapparatuur, daar waar je de meeste problemen verwacht.
·      Beoordeel je greens 1 tot 10 en leg die gegevens vast.
·      Maak voorspellingen op basis van resultaten uit het verleden
Voorbeeld van hoe je aan de hand van weersverwachting proactief kunt beheren
Dauw heeft grote invloed op de ontwikkeling van schimmels. Wanneer je de blad-nat periode verkort, wordt de kans op het ontwikkelen van schimmels kleiner. Op basis van de weersverwachting weet je wanneer dauw kan optreden. Op grond daarvan kun je een middel als Dew inzetten dat de aanhechting van dauw aan het gras verkleint. Zo wordt de kans op schimmelaantasting verkleind. 

Afsluiting

De dag wordt afgesloten met een korte samenvatting. Flip Wirth (Duurzaam Golfbaan Beheer) herinnert aan de presentatie van Paul struik over de te bouwen brug tussen wetenschap en de greenkeeping wereld. Hij roept op als greenkeepers niet te wachten tot de wetenschap hen heeft bereikt maar zelf ook aan de slag te gaan. Dan kan goed met alles wat tijdens het seminar is aangereikt. Diegenen die op het gebied van registraties aan de slag willen kunnen goed terecht bij NL-adviseurs (EMS) en DGB (monitoring en registratie data voor greenbeheer).

Flip Wirth bedankt namens de andere organisatoren de sprekers. Ook de aanwezigen worden bedankt voor hun komst en inbreng in de workshops. Hij spreekt de verwachting uit dat iedereen een mooie dag heeft gehad.

Bekijk vergelijkbare posts