Project Description

Home / Projecten / Horrorplant

Met NLadviseurs planmatig ‘horrorplant’ te lijf

Het is niet gek dat alle alarmbellen gaan rinkelen zodra de naam Japanse duizendknoop valt. Weinig planten hebben zo’n ongebreidelde groeikracht en kunnen zo veel schade aanrichten aan leidingen, wegen, waterwerken en gebouwen – de wortels groeien probleemloos dwars door beton en asfalt heen. Ook ecologisch gezien is de duizendknoop een probleem. Op plaatsen waar deze exoot voet aan wal zet, verdwijnt inheemse begroeiing als sneeuw voor de zon. Zelfs beruchte krachtpatsers zoals bramen en brandnetels zijn er niet tegen opgewassen.

 

Dure nieuwkomer

Japanse duizendknoop is geen plant waar je makkelijk vanaf komt. Beheersing, laat staan bestrijding, is bijna even gecompliceerd als kostbaar. Veel gemeenten laten zich daarom bijvoorbeeld door NLadviseurs adviseren om het probleem op te lossen. Op verschillende plaatsen werd (en wordt) volop geëxperimenteerd met uiteenlopende methoden om de ‘horrorplant’ te bestrijden: van het verhitten of juist bevriezen van de plantdelen, tot het onder stroom zetten van de bodem. Hoewel een aantal methoden hoopgevende resultaten toont om de plant in elk geval een stevige slag toe te brengen, is er tot op heden nog geen bewezen methode die effectief, betaalbaar én eco-vriendelijk is en blijvend met de plant afrekent. Volledige bestrijding lijkt vooralsnog alleen haalbaar met methoden met een grote landschappelijke impact, zoals grond afgraven, grond meerdere jaren afdekken of methoden met een chemische component die not doneis (glyfosaat). Bijna in alle gevallen hangt er een flink prijskaartje aan.

 

Foutje, bedankt

Zo moeilijk als je als terreinbeheerder van de plant af komt, zo makkelijk is het om er een foutje mee te maken en weer van voor af aan te moeten beginnen. De voorbeelden zijn bekend. Van de Amersfoortse vergissing drie jaar geleden, waarbij het waterschap de gemeente schadeloos moest stellen vanwege het aanvullen van net nieuw beschoeide oevers met vervuilde grond, tot de recente rechtszaak waarbij kavelkopers van een Lochems nieuwbouwproject eisen dat de vastgoedontwikkelaar de grond tot grondwaterniveau laat afgraven en zeven. Dan laten we de talloze kleine foutjes, waarbij bijvoorbeeld ‘besmette’ mulchmaaiers de verhakselde – maar niettemin nog groeikrachtige – plantdelen naar allerlei andere locaties verspreiden, nog buiten beschouwing.

‘Ecologisch én economisch gezien is nietsdoen de minst slimme keuze’

 

Uitzichtloos

Het is kortom niet onterecht dat de meeste gemeenten en andere terreinbeheerders Japanse duizendknoop associëren met slecht nieuws; met een oeverloze strijd die amper valt te winnen. En omdat de situatie zo uitzichtloos lijkt, gaan sommige terreinbeheerders hem daarom maar liever uit de weg: ze voeren geen actief beleid. Juridisch gezien kán dat ook. De Japanse duizendknoop ontbreekt op de Unielijst van invasieve exoten, waardoor er geen wettelijke verplichting geldt om deze plant te bestrijden. Ecologisch én economisch gezien is nietsdoen echter de minst slimme keuze. Want hoe langer duizendknoop de kans krijgt om te settelen, hoe lastiger de beheersing of bestrijding. Met die wetenschap is nietsdoen eigenlijk geen optie. Natuurlijk heeft niet elke terreinbeheerder de mensen en de middelen om de duizendknoop met volle kracht te lijf te kunnen gaan. Maar er is een uitweg: breng in ieder geval het probleem goed in kaart, en stel op basis daarvan prioriteiten. NLadviseurs weet wat daarbij komt kijken.

 

Gedegen besluitvorming

Effectieve bestrijding van Japanse duizendknoop vraagt om een gebiedsbrede aanpak volgens een helder, uniform protocol – bij voorkeur te volgen door álle terreinbeheerders in het betreffende gebied. Want als de ene partij wel werk maakt van beheersing en bestrijding en de ander niet, duurt het niet lang voordat iedereen weer van voor af aan kan beginnen. En zelfs als alle terreinbeheerders van goede wil zijn, is een (duur) foutje zo gemaakt.

Binnen dat protocol bestaat stap 1 uit het voorkomen van nieuwe introductie, op de voet gevolgd door stap 2: verdere verspreiding beperken. Bestrijding en herstel komen daarna. Aan die stappen gaat echter een cruciale stap vooraf: breng in kaart waar de Japanse duizendknoop precies groeit, in welke hoeveelheid en met welke risico’s. Want alleen op die manier zijn besluitvorming en bestrijding mogelijk.

 

Meten is weten

NLadviseurs heeft hier verschillende gemeenten bij begeleid, niet toevallig tot nu toe allen uit Gelderland. Als verantwoordelijke instantie voor de bestrijding van invasieve exoten heeft deze provincie in 2019 een plan opgesteld voor zowel de wettelijk verplichte ‘lijstsoorten’ als een aantal andere die schade toebrengen aan de Gelderse natuur. Watercrassula bijvoorbeeld, en – u raadt het al – Japanse duizendknoop. De gedegen gebiedsplannen, waarbij NLadviseurs voor de betreffende gemeenten exact in kaart bracht waar Japanse duizendknoop groeide, met welke dichtheid en op welke locatie welke vervolgstap nodig is, bleken nuttig om daar extra provinciale steun voor te krijgen – ook qua budget.

 

Uit duizenden te herkennen

Een goed gebiedsplan is niet alleen van functionele waarde. Het heeft ook een belangrijke functie om andere partijen te betrekken in de strijd tegen de duizendknoop. De meeste groenprofessionals herkennen de ‘horrorplant’ inmiddels uit duizenden en horen dan direct de eerdergenoemde alarmbellen afgaan, maar dat geldt nog niet voor leken – terwijl óók de oplettendheid van bewoners, ondernemers en (sport)verenigingen belangrijk is om duizendknoop met succes te weren. Een helder overzicht van waar de plant precies voorkomt, zoals in zo’n gebiedsplan, maakt het makkelijker voor de gemeenten om per locatie inzichtelijk te krijgen welke partijen bij voorkeur betrokken moeten worden. Ook biedt zo’n gebiedsplan goede aanknopingspunten voor communicatie naar burgers, bijvoorbeeld in de vorm van een ‘meldpunt duizendknoop’ voor bewoners die een plant zien buiten de op de kaart aangegeven locaties.

De groeiplaats van de Japanse duizendknoop wordt vastgelegd in een kaart. Voor elke locatie waar JDK is waargenomen in Brummen is een dergelijke kaart gemaakt.

Gebiedsplan: in een notendop

Samenvattend: het bestrijden of beheersen van exoten zoals de Japanse duizendknoop begint met weten waar de exoot zich nu bevindt. NLadviseurs werkt daarbij zowel met bestaande verspreidingsdata als met eigen inspecties, ondersteund door moderne meetapparatuur. Op basis van deze inventarisatie stellen we in overleg met de opdrachtgever een plan op over de meest passende vervolgstap per locatie: nietsdoen, beheersen of bestrijden – en via welke methode. Ook krijgt elke locatie een prioritering, onder andere afhankelijk de groeicondities en de context ter plekke. Snel uitbreidende groeihaarden vlakbij kwetsbare infrastructuur of bebouwing krijgen bijvoorbeeld een hogere prioriteit. Last but not least bevat een gebiedsplan ook een voorstel over monitoring, zodat de opdrachtgever objectief kan (laten) vaststellen of de exotenaanpak voldoende effect teweegbrengt. Meer informatie over onze werkwijze? Klik hier

De duizendknoop ontrafeld

Het lijkt een onoplosbare puzzel: wat moeten we toch met de Japanse duizendknoop? Met een stap-voor-stap, analytische benadering is het vraagstuk echter minder gordiaans dan het lijkt. NLadviseurs hielp de gemeenten Brummen en Doesburg de knoop te ontrafelen.

Connectie mens en natuur

NLadviseurs spreekt van ‘Japanse duizendknoop’, omdat dat de meest ingeburgerde term is. We doelen daarmee op alle in Nederland voorkomende duizendknoopsoorten, die ook wel worden aangeduid met de verzamelterm ‘Aziatische duizendknopen’: de Japanse duizendknoop (Fallopia japonica), de Sachalinse (Fallopia sachalinensis) en de bastaardduizendknoop (Fallopia x bohemica).

Gerelateerde projecten