Je bent hier: Home 5 Kennis 5 Hoe monitoring helpt bij landschapsherstel
Hoe monitoring helpt bij landschapsherstel

Wil je weten hoe het gaat met de dier- en plantsoorten in een gebied? Neemt de soortendiversiteit toe of juist af? Ontwikkelt de vegetatie zich zoals je voor ogen had met jouw beheeringrepen? En hebben aangelegde hagen, poelen of takkenrillen nieuwe soorten naar je gebied gelokt? Monitoring geeft antwoord op dit soort vragen. In dit artikel worden drie projecten uitgelicht, die zowel qua omvang als type onderzoek verschillen. Zo zie je wat er mogelijk is en hoe ecologische monitoring je kan helpen bij landschapsherstel. 

Bij ecologische monitoring gaat het in de kern altijd om het krijgen van inzicht in wat er leeft en hoe dat leven zich ontwikkelt. Toch kan het type onderzoek sterk verschillen. Het systematisch in kaart brengen van flora en fauna kan verschillende doeleinden hebben: voldoen aan wetgeving, onderbouwen van beleid of gericht sturen op beheer en biodiversiteitsontwikkeling. Ook de schaal van het onderzoek is van belang. Wil je weten hoe het staat met de biodiversiteit in grote gebieden, zoals een hele gemeente? Dan is het handig om gebieden met elkaar te kunnen vergelijken, zodat prioritering mogelijk wordt. Dat vraagt om een andere aanpak dan wanneer je één gebied wilt volgen; dan staan de kwaliteiten en ontwikkelmogelijkheden van dat ene gebied voorop. De drie uitgelichte casussen geven een beeld van verschillen in aanpak en omvang en geven weer wat de potentie is van ecologische monitoring gericht op landschapsherstel.

ecologische monitoring landschapsherstel

Het ecologisch onderzoek bij WMD leidde tot concrete verbeterplannen voor verschillende terreinen.

Casus 1: BKN voor Waterleidingmaatschappij Drenthe

De Waterleidingmaatschappij Drenthe (WMD) wil haar drinkwaterproductie toekomstbestendig maken en tegelijkertijd de impact op natuur verminderen. Als beheerder van circa 850 hectare waterwingebieden en grondwaterbeschermingsgebieden speelt het bedrijf een directe rol in het landschap. Een veerkrachtig, levend landschap helpt om water op te vangen en te reguleren, zuiveren en bufferen. Daarom wil WMD zicht krijgen op de natuurwaarden en -kansen van de gronden in beheer. Met deze doelstellingen wordt ook voorgesorteerd op de aanstaande, door de EU verplichte duurzaamheidsverslaglegging (CSRD-wetgeving).

De vraag

Hoe staat het met de natuurkwaliteit op de gronden van WMD, waar liggen kansen om die te versterken en hoe stel je daar een transitieplan voor op?

Het resultaat

Bij deze casus is de methodiek Basiskwaliteit Natuur (BKN) gebruikt. Dat is een methodiek die zich richt op natuur buiten natuurgebieden. Dat past goed bij WMD, omdat dit bedrijf gronden beheert met veel verschillende typen landgebruik, van bedrijfslocaties tot agrarisch gebied. BKN gaat uit van een ‘basiskwaliteit’. Als aan deze basis wordt voldaan, betekent het dat een gebied ecologisch functioneert en dat algemene soorten zich er kunnen vestigen en handhaven. BKN is goed toepasbaar op grote schaal en helpt om verschillende deelgebieden met elkaar te vergelijken, waardoor je doelen en prioriteiten kunt stellen. Dit is nuttig voor WMD bij het opstellen van een transitieplan. WMD is nu begonnen met een pilot om verschillende terreinen anders te gaan beheren en inrichten. De inrichting is afgestemd op de ecologische potentie van het terrein, de operationele eisen van WMD, en de lokale landschappelijk context. Het uiteindelijke doel is om in alle waterwingebieden basiskwaliteit natuur te behalen. Herhaaldelijke monitoring helpt hierbij, evenals bij het toetsten van de effectiviteit van het veranderende beheer en de inrichting.

landschapsherstel wordt makkelijker met visueel inzichtelijke kaarten die duidelijk een score per deelgebied laten zien, mogelijk gemaakt door ecologische monitoring aan de hand van het basiskwaliteit natuurmodel.

Hier zie je de BKN-score van een gebied in beheer van Waterleidingmaatschappij Drenthe.

Casus 2: Basiskwaliteit Groenbeheer op Schouwen-Duiveland

De gemeente Schouwen-Duiveland wil de biodiversiteit in het gemeentelijk groen versterken en meer ruimte bieden aan planten en dieren. De gemeente richt zich enkel op de eigen beheervakken, om snel over te kunnen gaan tot actie.

De vraag

Hoe staat het met de randvoorwaarden van biodiversiteit in de eigen beheervakken en waar liggen concrete kansen om die te verbeteren?

Het resultaat

De analyse werd uitgevoerd volgens de door NLadviseurs ontwikkelde techniek Basiskwaliteit Groenbeheer, waarbij per beheervak wordt gekeken naar de ecologische waarde. Een team van ecologen inventariseerde in alle 18 kernen van de gemeente. In totaal werden 7201 groenvakken en 118 waterpartijen beoordeeld, aangevuld met bestaande data. Aan de hand van zeven criteria, waaronder soortenvariatie, inheemse soorten, structuur en verbinding, werd elk vak gescoord op een schaal van 1 tot 5. De resultaten geven een gebiedsdekkend en praktisch overzicht van de kwaliteit van al het gemeentegroen. Door verschillen per kern en beheertype zichtbaar te maken, ontstaat inzicht in waar verbetering het meeste effect heeft en kunnen eenvoudig stappen gezet worden richting landschapsherstel. De zeven criteria vormen tegelijkertijd een ‘menukaart’ voor maatregelen. Door te sturen op bijvoorbeeld soortenvariatie, aandeel inheemse soorten of verbinding tussen groenvakken, kan de biodiversiteit makkelijk worden verhoogd.

nladviseurs dienst basiskwaliteit groenbeheer zierikzee

Deze kaart is een handig hulpmiddel voor de gemeente bij het verhogen van biodiversiteit.

Casus 3: Ecosysteemschets van de Fashion Farm

De Fashion Farm is opgezet door modeontwerper Joline Jolink. Zij is pionier in de verduurzaming van de modeketen. Samen met haar team werkt Joline aan een transparante en regeneratieve aanpak, waarin kledingproductie en natuurherstel samenkomen. In 2023 verhuisde de ontwerpstudio van Rotterdam naar een boerderij in Welsum. Deze plek biedt letterlijk en figuurlijk de ruimte om écht aan de slag te gaan met mode en levende landschappen.

landschapsherstel en werken aan biodiversiteit op de Fashion Farm van Joline Jolink door ecologische monitoring

Deze ecosysteemschets maakt de natuurwaarden van de Fashion Farm visueel inzichtelijk.

 

De vraag

Hoe kan het terrein zich ontwikkelen tot een landschap dat zowel ecologisch waardevol is als een plek waar geëxperimenteerd kan worden, bijvoorbeeld met biologisch afbreekbare mode en het verbouwen van natuurlijke vezels en verfplanten?

Het resultaat

Om inzicht te krijgen in de natuurwaarden van het terrein hebben we een ecosysteemanalyse uitgevoerd. Hierbij zijn het terrein en de directe omgeving in kaart gebracht. Op basis daarvan zijn natuurkansen in beeld gebracht en vertaald naar concrete beheer- en inrichtingsvoorstellen. Denk aan bloemrijke zones, het verbeteren van bodemkwaliteit en het maken van habitats voor allerlei dieren. De Fashion Farm ontwikkelt zich zo tot een proeftuin waar ontwerpers, studenten en bezoekers ervaren hoe een natuurpositieve keten eruit kan zien én tot een plek waar planten, dieren en natuurlijke processen de ruimte krijgen. De eerste resultaten zijn inmiddels gedeeld met duurzame koplopers en een subsidie voor verdere realisatie is toegekend, waarmee een volgende stap in de ontwikkeling is gezet. Zo kan ecologische monitoring niet alleen helpen om natuurwaarden te versterken en stappen te zetten richting landschapsherstel, maar ook om de maatschappelijke meerwaarde aan te tonen en een project verder te helpen.

Vroeger was vlas een belangrijk gewas voor Nederlandse textielproductie. Nu wordt het bijna niet meer geteeld. Op de Fashion Farm laat Joline Jolink zien hoe de teelt dit vergeten vezelgewas eruit ziet.

Wat doe je met al die data?

In de praktijk zien we dat vaak veel middelen gaan naar het verzamelen van data, terwijl oplossingen onderbelicht blijven. Dat is een risico, want Europese landschappen zijn sterk gedegradeerd en herstel is dringend nodig. Ecologische monitoring moet daarom niet blijven steken in analyse, maar richting geven aan landschapsherstel. Slimme monitoring helpt om gericht te sturen: je ziet wat werkt en wat niet, en past beheer en inrichting daar op aan. Daarnaast is monitoring een uitgelezen kans om te communiceren over een project. Door ontwikkelingen zichtbaar te maken, kun je laten zien dat je werk ertoe doet. Het delen van succesverhalen helpt om bewoners, stakeholders en opdrachtgevers te enthousiasmeren voor het werken aan een levend landschap en om de noodzaak van dat werk te onderstrepen.

Meer weten over monitoring en hoe het jou kan helpen bij keuzes over inrichting, beleid of beheer? Lees dan dit artikel.

 

Gerelateerde berichten

Op bermsafari

Op bermsafari

Een ecologisch beheerde berm is van grote waarde voor extra biodiversiteit. Op microniveau voorziet zo’n berm in habitat voor flora en fauna en ook op macroniveau heeft de berm veel potentie. Met 250.000 km berm in Nederland is ecologisch bermbeheer een belangrijke stap om voor te sorteren op de eisen vanuit de Natuurherstelwet.

Lees meer
Natuurkansen in het dagelijks groenbeheer

Natuurkansen in het dagelijks groenbeheer

De biodiversiteit staat onder druk. Om het verlies aan plant- en diersoorten en habitats tegen te gaan, is het nodig dat we op een nieuwe manier met onze leefomgeving omgaan. Die leefomgeving bestaat voor een groot deel uit beheerd groen; van parken en...

Lees meer
Groenaanvalsplan: 5 stappen richting natuurherstel

Groenaanvalsplan: 5 stappen richting natuurherstel

Met de Europese Natuurherstelverordening is natuurherstel geen vrijblijvende verplichting meer, maar een wettelijke opdracht richting 2030. Als we met beleidsmakers en -schrijvers in gesprek zijn horen we vaak eenzelfde geluid: “Hoe maken we het concreet en waar beginnen we?” Daarom schreven we een groenaanvalsplan, dat gemeenten op weg helpt met 5 concrete stappen voor natuurherstel.

Lees meer

Kennismaken?

Benieuwd hoe je duurzaam groen kunt ontwikkelen of hoe natuurontwikkeling er in de praktijk uitziet?
We denken graag mee, geven ecologisch advies en nemen (veel) werk uit handen.